22 december 2006

Democratie? Een e-mail aan Peter Vandermeersch

(op 22 december per e-mail verstuurd) Geachte heer Vandermeersch, Uit uw commentaar van 20 december ("Nog 258 jaar te gaan") blijkt dat Vlaanderen volgens u pas een "normale democratie" zal zijn, als de helft van de gemeenten een vrouw als burgemeester hebben. U hebt het over "rechtmatige" vertegenwoordiging (in de uitvoerende macht, nota bene) in verhouding tot het relatieve gewicht in de totale bevolking. Vindt u het niet gevaarlijk om over het democratisch gehalte van een samenleving te oordelen op basis van de RESULTATEN van verkiezingen en politieke onderhandelingen? Democratie is toch in de eerste plaats een PROCES van politieke besluitvorming, niet? Precies daarom is niet Noorwegen, Zweden of Denemarken, maar wel Zwitserland met afstand de best functionerende democratie van Europa. Als u uw redenering logisch doortrekt moeten we de verkiezingen afschaffen en de uitvoerende macht op basis van paritaire vertegenwoordiging samenstellen. Immers: waarom wel een "rechtmatige" vertegenwoordiging in de uitvoerende macht voor vrouwen en niet voor jongeren, ouderen, gehandicapten, holebi's, oorlogsveteranen, allochtonen, linkshandigen, journalisten enz.? Of kent u een overtuigend en ethisch aanvaardbaar argument om dit principe wel op vrouwen, maar niet op andere bevolkingsgroepen toe te passen? (Mocht u willen antwoorden, wees voorzichtig: u zou de wet op discriminatie kunnen overtreden). In mijn ogen is de ondertoon van uw commentaar potentieel totalitair. En dus een gevaar voor de democratie. Ik kon dan ook niet anders dan reageren. Met vriendelijke groet, Geert Van Hout Berlijn De volledige tekst van Vandermeersch' commentaar (bron: De Standaard 20 december 2006): Nog 258 jaar te gaan Vijfentwintig op 308. Het is geen cijfer om trots op te zijn. Slechts 25 van de 308 gemeenten van Vlaanderen hebben een vrouw als burgemeester. Daar moet een moderne democratie als de onze zich over schamen. Er zouden 154 vrouwelijke burgemeesters moeten zijn. Of anders uitgedrukt: 129 Vlaamse gemeenten hebben ten onrechte een man als burgemeester. Echt grote vooruitgang boeken we niet. Bij het begin van de vorige regeerperiode, in 2001, telden we 22 vrouwelijke burgemeesters. Tegen dit tempo van drie bijkomende vrouwelijke burgemeesters per zes jaar duurt het nog 258 jaar tot we evenveel vrouwen als mannen hebben aan het hoofd van onze gemeenten. In 2265 wordt Vlaanderen dus een normale democratie. Bij de gemeenteraadsleden en de schepenen is de situatie lichtjes beter. Ongeveer een op de drie gemeenteraadsleden is van het vrouwelijke geslacht (een stijging met zes procent). Een pluim gaat naar steden als Leuven, waar net geen perfecte pariteit is, en Gent en Hasselt, waar de vrouwen in de gemeenteraad een nipte meerderheid hebben. Gelukkig bepaalt de wet dat voortaan beide seksen aanwezig moeten zijn in het schepencollege. Bijna een vierde van alle uittredende schepencolleges was uitsluitend bevolkt met mannen. Straks heeft in elk van de 308 schepencolleges ten minste één vrouw zitting. Het is een minimum minimorum. Dit geldt eveneens voor de provinciale deputaties. Onder meer dankzij de quotaregeling, die partijen verplicht om evenveel vrouwen als mannen op hun lijsten te plaatsen, krijgen vrouwen meer dan een halve eeuw na de laattijdige invoering van het vrouwenstemrecht, langzaam de plaats die ze verdienen in onze politiek. In het Vlaams en het federaal parlement hebben zowat een derde vrouwen zitting. Daarmee zijn we nog een stuk af van de koplopers Zweden, Finland en Denemarken - niet toevallig de best functionerende democratieën van Europa - maar spelen we toch een stuk boven buurlanden als het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Genoeg is het natuurlijk niet. Ruim een derde is niet de ,,rechtmatige'' helft. Het politiek glazen plafond bevindt zich bovendien vooral bij de uitvoerende mandaten. Geen van de tien provinciegouverneurs is een vrouw. Maar drie van de vijftien federale ministers en drie van de tien Vlaamse ministers zijn vrouwen. En maar 25 van de 308 burgemeesters. In deze is de politiek een harde weerspiegeling van de onvolmaaktheid van onze samenleving. Een rechtmatige politieke vertegenwoordiging zal er pas komen als er meer ,,gendergelijkheid'' in de hele samenleving is. Als vrouwen evenveel tijd krijgen - of nemen - als mannen om aan politiek te doen. Per definitie wordt het politieke bedrijf waardevoller als onze vertegenwoordigers een betere weerspiegeling vormen van onze maatschappij. Peter Vandermeersch

17 december 2006

Advies aan een Vlaams politicus

Als ik de adviseur was van een Vlaams politicus die België zo lang mogelijk wil laten voortbestaan, zou mijn advies als volgt luiden: (1) Dwing Wallonië tot economische reconversie. Maak met dit doel de financiële transfers volledig transparant en beperk ze vervolgens in de tijd tot 20 of 25 jaar. Daarna moet Wallonië zelfbedruipend zijn. Overtuig uw Vlaamse achterban dat dit een nobel project is (wàre solidariteit), dat op langere termijn ook het welzijn van Vlaanderen dient. Omdat Vlaanderen geen baat heeft bij een economisch en sociaal kerkhof aan zijn zuidergrens. (2) Geef de Gemeenschappen alle instrumenten om een eigen economisch, sociaal en fiscaal beleid te voeren, in overeenstemming met de behoeften en wensen van hun bevolking. Streef dus naar een confederaal België. Gebruik de Vlaamse solidariteitsgarantie om de franstalige politici te overtuigen. (3) Ontmasker de PS (en alle andere machtsblokken die de communautaire status quo verdedigen) als de enige echte korte-termijnbedreiging voor het voortbestaan van België en de welvaart van Wallonië. Doe dit via rechtstreekse communicatie met de franstalige kiezers: roep ze op om voor politici te stemmen die Wallonië – met Vlaamse financiële hulp – tot een welvarende natie willen uitbouwen. Eerlijkheidshalve zou ik mijn advies besluiten met de woorden: Ook als deze politiek succesvol blijkt zullen Vlaanderen en Wallonië volgens mij uiteindelijk hun eigen staatkundige weg gaan. Maar dan wellicht in een sfeer van opperbeste verstandhouding, grensoverschrijdende samenwerking en wederzijds respect.